Toegankelijkheidsmenu

Creative Commons

Navigatie menu auteursrecht

Hoofdpagina auteursrecht
Hoofdlijnen auteursrecht
Trefwoordenlijst
Hoe werkt het in de praktijk?
Creative Commons

Creative Commons

Open contentlicenties maken het mogelijk om eenvoudig toestemming te verlenen voor het hergebruik van werken onder bepaalde voorwaarden. Hierdoor hoeven de gebruikers niet telkens om toestemming te vragen aan de auteur. Open contentlicenties verlagen de drempel om leermaterialen te gebruiken, arrangeren en te ontwikkelen. Creative Commons is een voorbeeld van een open contentlicentie en de meest succesvolle en toegepaste licentievorm binnen het Nederlandse onderwijs tot nu toe.

Creative Commons (CC) is een reeks standaardlicenties. Met CC kunnen auteurs hun literaire, muziek- of audiovisuele werken verspreiden onder ruime licentievoorwaarden, zonder dat ze hun auteursrecht verliezen. Er bestaan al veel licentiemodellen binnen de 'open content'-ideologie, maar het van oorsprong Amerikaanse CC wordt daarvan het meeste toegepast. CC gaat uit van ‘Sommige rechten voorbehouden’ of zelfs ‘Geen rechten voorbehouden’. Dit in tegenstelling tot de basisnorm in het auteursrecht van ‘Alle rechten voorbehouden’, waardoor toestemming nodig is voor (vrijwel) elk gebruik van een werk.

Creative Commons Nederland biedt op haar website http://creativecommons.nl/ verschillende licenties aan. Hiermee kunnen auteurs specifieke voorwaarden stellen aan het gebruik van hun werk. Dankzij deze gestandaardiseerde en geautomatiseerde licenties hoeft niet meer voor ieder gebruik van het werk van tevoren toestemming worden gevraagd aan de auteursrechthebbende. Het werk wordt dus voor een ieder beschikbaar gesteld onder de voorwaarden van de gekozen Creative Commons-licentie.

De zes Creative Commons-licenties zijn, van de ruimste tot de meest restrictieve licentie:


CC1 1. Naamsvermelding
Het werk - of een afgeleid werk ervan - kan worden gekopieerd, veranderd, verspreid en vertoond, met alleen de voorwaarde dat de naam van de maker wordt vermeld.

CC2 2. Naamsvermelding-GelijkDelen
Deze licentie geeft anderen dezelfde rechten als een Naamsvermelding-licentie, met de toevoeging dat elke nieuw ontstane creatie onder dezelfde licentie wordt aangeboden.

CC3 3. Naamsvermelding-GeenAfgeleideWerken
Het werk mag worden verspreid, commercieel en niet-commercieel, mits in de originele staat en met vermelding van de naam van de maker.

CC4 4. Naamsvermelding-NietCommercieel
Anderen mogen het werk gebruiken en veranderen zolang ze dit niet-commercieel doen en onder vermelding van de naam van de maker.

CC5 5. Naamsvermelding-NietCommercieel-GelijkDelen
Anderen mogen het werk gebruiken en veranderen zolang ze dit niet-commercieel doen, onder vermelding van de naam van de maker en onder de voorwaarde dat elke nieuwe creatie onder dezelfde licentie wordt aangeboden.

CC6 6. Naamsvermelding-NietCommercieel-GeenAfgeleideWerken
Dit is de meest restrictieve licentie. Anderen mogen het werk verspreiden - niet veranderen , zolang ze dit niet-commercieel doen en onder vermelding van de naam van de maker.

Het CC-licentiesysteem maakt in principe geen onderscheid tussen digitale en analoge werken, noch tussen verschillende soorten handelingen, zoals het verveelvoudigen of het openbaar maken.

De licentiegever verleent de gebruiker een wereldwijde, niet-exclusieve licentie. Binnen de voorwaarden van de gekozen licentie mag de gebruiker het werk vrij van royalty's toepassen, met behulp van alle thans bekende media, dragers en formats. Tevens mag hij technische wijzigingen aanbrengen die nodig zijn om het werk conform de licentie te gebruiken met behulp van andere media, dragers en formats. Die wijzigingen mogen er uiteraard niet toe leiden dat de voorwaarden van de licentie worden geschonden.

De gekozen licentie is onherroepelijk. Dat wil zeggen dat op het moment dat het werk onder een CC-licentie op het internet is verspreid, de auteur zijn mening niet meer kan veranderen. Ook kan hij de licentie niet meer intrekken. De gebruiker op zijn beurt moet een kopie van de betreffende CC-licentie aanbrengen op elk exemplaar van het werk dat hij verspreidt, in het openbaar vertoont, op- of uitvoert, of online beschikbaar stelt.

Wat voor licenties zouden onderwijsinstellingen nu het beste kunnen hanteren? Voor nieuw materiaal in het hoger onderwijs, adviseert Stichting SURF de meest liberale licentie: de 'Naamsvermelding'. Deze is voldoende flexibel. Deze keuze geldt echter niet per se ook voor het basis- of voortgezet onderwijs. Een andere combinatie van voorwaarden (bijvoorbeeld met een GelijkDelen of NietCommercieel beding) zou wel eens beter kunnen passen.

Voor het gebruik van CC-licenties in samenhang met een bestaand werk kan een belangrijk probleem zijn dat alle auteursrechten op het werk volledig aan een uitgever zijn overgedragen. Hierdoor mag de auteur zijn werk alleen met toestemming van de uitgever verveelvoudigen of openbaar maken.

Het kan ook zijn dat de school alleen de online exploitatierechten op een bestaand werk nog in handen heeft. In dit geval zou een CC-licentie op dit digitale werk kunnen worden toegepast. Hier moet worden opgemerkt dat het CC-licentiesysteem geen verschil maakt tussen analoge en digitale media. In theorie, zou dit de (onterechte) indruk kunnen wekken dat de school eigenaar is van alle rechten op dat werk. In de praktijk zal dit waarschijnlijk geen probleem van betekenis opleveren aangezien de licentie alleen aan het digitale werk is gekoppeld, en niet aan een stoffelijk exemplaar van dat werk, wat de intentie van de licentiegever duidelijk maakt.

Bron: Auteursrecht en Open leermiddelen, dr. L. Guibault, Instituut voor informatierecht, Amsterdam, juni 2009.



Vragen?
Heeft u een vraag of suggestie voor digitaal leermateriaal? Gebruik dan dit contactformulier